Onlangs is ie gespot in de Ardennen, maar ook in Wageningen trekt al jaren een lynx rond. Een lynx heeft een groot, vast territorium, en kan zich in één nacht over kilometers afstand verplaatsen. Wij van De Lynx verplaatsten ons ook, in ons 25-jarig bestaan, binnen ons Wagenings territorium. Maar dan wat minder snel. Eigenlijk waren we als De Lynx al sinds 1995 op zoek naar een plek om ons definitief te vestigen (zie kader).

Pas in 2014 lukte dat, en sindsdien voelen we ons helemaal thuis op de Gerrit Zegelaarstraat, in de bieb van het voormalige Laboratorium voor Entomologie en Fythopathologie (plantenziekten en –plagen dus). Ook wel bekend als ‘het Gebouw met de Vaas’, te zien vanaf de Kortenoord Allee. Want tussen de blokken nieuwbouwwoningen door staat daar die enorme grijze vaas, waar ooit water uitliep, wat recht deed aan de oorspronkelijke naam van het kunstwerk: Hoorn des Overvloeds. Daarachter ons kubusvormige gebouw.

De Vaas (ofwel ‘Hoorn des Overvloeds’) zoals die vroeger voor het Entomologielab stond, en de Vaas nu.

Ik weet nog goed dat collega Florien en ik gingen kijken naar het gebouwtje in 2014, toen het te koop stond. Rob (onze baas) had gevraagd of we eens een blik wilden werpen, of het wat voor ons was. Het was één grote ruimte, totaal niet handig voor een kantoor. Ouwe meuk ook, met stalen raamkozijnen met enkel glas. Met een grote vide en daaromheen allemaal ruimtes met smalle raampjes, waartussen ooit de vele boekenkasten hadden gestaan toen het nog een bibliotheek was. Nu de meeste boekenkasten weg waren, was het er wel prachtig ruim en licht. En de voorgevel was ook heel mooi, met dat mozaïek. We zagen er wel wat in, en we dachten dat we dan met glazen wanden kamertjes zouden kunnen creëren.

Glazen wanden, dat was leuk bedacht. Maar weet je wel wat dat kost, een glazen wand? Een gipswandje is een stuk voordeliger. Maar dan ben je dus wel het hele ruime, lichte effect kwijt wat het gebouw zo mooi maakt. Dus ze zijn er toch gekomen, die glazen wanden. Onder strakke regie van Rob, zowel qua planning als qua financiën, veranderde de ruimte in een prima kantoorgebouw. Met zonnepanelen op het dak, nieuwe houten kozijnen met tripelglas, isolatie van dak en wanden. En met een prachtige plek voor onze gigantische ovale vergadertafel, die op diverse andere locaties toch wat opgepropt had gestaan. En om te voorkomen dat we met onze snufferds tegen die glazen wanden oplopen, staat er op ooghoogte het gedicht ‘De glazen wand’ op geschreven (zie kader).

Dat mozaïek, daar kijken we elke dag weer naar als we aankomen. Het grappige is dat dat ooit binnen was, in het trappenhuis tussen het Entomologielab en de bibliotheek. Dat lab is gesloopt, de bieb is blijven staan. De bieb kreeg een nieuwe entree; de luifel en brede betonnen trap zijn een echo van de entree van het oude Entomologielab dat er ooit vóór stond. De verdieping eronder, op de begane grond, vroeger technische ruimtes en kantine, werd verbouwd tot drie woonhuizen.

Het mozaïek is in 1962 gemaakt door Leo Schatz, die zich liet inspireren door het onderwerp van het lab: de ziekten en plagen waar onze landbouwgewassen onder lijden. Virussen, een sprinkhaan, aaltjes, als je goed kijkt, zie je ze terug.

Het mozaïek was oorspronkelijk binnen, in de hal tussen lab en bieb

Luifel en trap van het oude Entomologielab en als echo daarvan de luifel en trap nu

Vanuit de lucht zijn bieb en kantine te zien. Het langgerekte lab ervoor is gesloopt.

Zo was de ruimte vroeger in gebruik als bieb, en nu als kantoor.